RD006
PRIMA DONKEY / PRIMA DONKEY'S RYTHME EXOTIQUE


Recorded LIVE at AB (04/03/05 & 02/12/05)

Jorunn Bauweraerts: vox
Kristiaan 'Boss' Bosschaert: double bass
Nathalie Delcroix: vox
Roel Jacobs: tenor sax, bariton sax
Buni Lenski: violin
Simon Lenski: cello
Gunter Nagels: vox, accordion
Rudy Trouvé: vox, guitar
Geert Waegeman: mandolin, banjo, theremin

Produced by Prima Donkey
Arrangements by Prima Donkey
Recorded by S. Van Alsenoy
Mixed by S. Van Alsenoy, J. Bauweraerts, H. Stubbe, R. Trouvé
Mastered by S. Van Alsenoy
Artwork by R. Trouvé
Layout by T. Noppe

A Radio 1 recording in association with AB
A Radical Duke Entertainment release

PIAS 473.0006.020

Belgium 2006

TRACKLISTING


1. Who's to say? - Part 1 / LISTEN
/ Words G. Nagels / Music Prima Donkey / Contains part of "Never leave you" by Lumidee
2. That's it / Words & Music by W. Broes
3. Double hearted girl / Words by G. Nagels / Music by Prima Donkey
4. Crash by river / LISTEN
/ Words & Music by Gore Slut
5. Heaven or Helsinki / Words G. Nagels / Music Prima Donkey
6. Leave me alone / Words & Music by R. Trouvé
7. Gypsy solitaire / Words & Music A. Fraser
8. Jesus built my hot rod / LISTEN
/ Words & Music Jourgensen/ Rieflin/ Balch/ Haynes
9. Trash / LISTEN
/ Words & Music by Kiss My Jazz
10. Elephant / Words G. Nagels/ Music by DAAU

Buy this album on I-TUNES // in our WEBSHOP

__________________________________________________________________________

REVIEWS

Oor.nl - concertverslag Pukkelpop
LINK

"17.05 uur: PRIMA DONKEY. Typische exponent van de Antwerpse scene, waar iedereen het met iedereen doet en daar dan weer vreemd van gaat. Dit is een vertakking van Donkey Diesel, waarin ook zanger Gunter Nagels actief is. Die man beschikt over een fantastische stem, die verwantschap vertoont met die van Tom Waits, zonder dat hij daar enige moeite voor hoeft te doen. Kwestie van veel roken waarschijnlijk. Tevens maken onder meer gitarist-zanger Rudy Trouvé, twee leden van DAAU en twee zangeressen van Lais deel uit van dit bonte gezelschap. Maar de combinatie werkt en is bijzonder origineel. Daarbij is het spel op cello, accordeon en klarinet erg straf en klinken de stemmen hemels, ook als die als hondjes blaffen of zich aan een cover van nota bene Ministry wagen. Tevens lijkt de muziek van de groep onbedoeld nauw aan te sluiten bij de tendens dat zigeunermuziek populairder is dan ooit."

FileUnder
LINK

"Soms lijken er zoveel gelegenheidsprojecten van Belgische bodem te komen, dat ik er zelf bijna moe van zou worden. Dit album bewijst hoe onterecht dat is. Kennelijk schudden mensen als Rudy Trouvé en Gunter Nagels de liedjes moeiteloos uit de mouw. De hartslag van het exotische ritme wordt verzorgd door bassist Kristiaan "Boss"schaert. Drums blijven volledig achterwege, iets wat opvalt, maar niet wordt gemist. Een uitstekende gastrol is weggelegd voor twee dames van Laïs, die bijvoorbeeld in de opener droogjes "Never Leave You" van Lumidee zingen, terwijl Gunter Nagels zijn uitstekende Tom Waits-imitatie doet. Nog leuker wordt het in de snellere nummers waar de voetjes van de vloer kunnen op kekke klezmerritmes. In "Double Hearted Girl" brengt saxofonist Roel Jacobs een ode aan Orchestra Baobab. Een moment later zitten we dan alweer in repetitieve Lou Reed-sferen, zonder dat de algehele muzikale lijn wordt verbroken. Erg knap. Het beste voorbeeld van die bewering is "Leave Me Alone". Droevige blazers openen het nummer, de zangeressen jammeren de titel, Trouvé bromt mee en net als de melancholie definitief dreigt toe te slaan, zet de bassist een huppelend lijntje in, valt de accordeonist hem bij en kan er alsnog een country-rondedansje worden gemaakt. Hoogtepunten genoeg, zo roepen de klarinet-patronen in "Trash" Yann Tiersen in herinnering. Tot slot nog even kniesoren. De plaat werd live opgenomen, maar het publiek is niet te horen. Vreemd. En na het hilarische slotnummer, over een vliegende olifant, volgen er elf minuten stilte, voor de lallerige bonustrack begint. Een flauw einde van een prima plaat."

Goddeau
LINK


"Van Ministry naar Kim'Kay, het is to boldly go where no musician has ever gone before, maar de hidden track "Lilali", een cover van de weggedeemsterde Vlaamse huppelkut, bewijst bij uitstek hoezeer Prima Donkey het naar een hoger niveau optillen van andermans nummers in de vingers heeft."

Cutting Edge

LINK

"Het gelegenheidsproject van Donkey Diesel frontman Gunter Nagels, Rudy Trouvé en een schare muzikale vrienden als "prima" bestempelen, zou iets te makkelijk zijn. En het zou boven alles een understatement zijn, want het in maart en december van vorig jaar in de AB opgenomen "Prima Donkey's rythme exotique" is een heus pareltje.
Een genre kunnen we er niet op plakken. Prima Donkey vat het muzikaal samen als: industrieel–akoestisch, blues, klezmer, bossa nova en nog één en ander waarvoor ze zelf niet eens een term konden bedenken. Wanneer je het lijstje meewerkende muzikanten bekijkt, verwacht je al het beste: Han Stubbe en Simon Lenski van DAAU, Roel Jacobs van the Seatsniffers, Kristiaan Bosschaert van The Internationals en van Laïs de dames Nathalie Delcroix en Jorunn Bauweraerts. Uitschieters zijn er niet echt, omdat de kwaliteit constant is op deze plaat. Persoonlijk houden wij wel net ietsje meer van de stemgeluiden van Trouvé en Nagels dan die van Delcroix en Bauweraerts, maar meer opmerkingen kunnen we niet verzinnen. Als we dan toch een favoriete track moeten kiezen, is dat vandaag "Trash", een nummer van Kiss My Jazz. Maar morgen kan het alweer een ander nummer zijn.
De meeste nummers zijn geschreven door Nagels, Trouvé en de mannen van DAAU, maar er staan ook enkele eigenzinnige covers op waaronder "Gypsy solitaire" van het Canadese folkduo Fraser & Debolt (1971). Ook "Jesus built my hot rod" van Ministry wordt door de typische Prima Donkey muziekmachine gehaald en kan ons alweer beter bekoren dan het origineel. Helemaal op het einde staat nog een verborgen track: een cover van "Lilali" van het Gentse eendagsvliegje Kim'Kay. Niet bepaald voor de hand liggend, maar hier bewijst Prima Donkey dat ze zelfs van het meest afschuwelijke nummertje een fantastische versie kunnen brengen.
Wat hun recept tot succes is, weten we niet. We hoeven het ook niet te weten; het volstaat te besluiten dat deze cd gewoon … nou ja: meer dan prima is."

Soundslike
LINK

"Een liveregistratie van een Belgische gelegenheidsformatie: als een gezond mens dit leest of hoort, zou hij voor minder het desbetreffende plaatje in de pedaalemmer kieperen. Toch adviseer ik u vriendelijk even een moment vrij te nemen voor 'Rythme Exotique', want dit is een prima - excuseer me de flauwe woordspeling - plaat. Achter het project zit dan ook goed volk, gaande van Gunther Nagels (Donkey Diesel), Rudy Trouvé, Han Stubbe en Simon Lenski (DAAU) tot Jorunn Bauweraerts en Nathalie Delcroix van Laïs. Het allegaartje van gelijkgestemden slaagt erin muziek te maken die altijd wel op een of ander moment aan een of ander lid van de groep kan worden toegeschreven, maar nooit helemaal Laïs, Donkey Diesel, dEUS of DAAU is. Met alle voorzichtigheid die me eigen is, zou ik zelfs durven gewagen van een nieuw genre dat aanleunt bij de folk, maar geen folk is. Prima Donkey is een experiment, maar klinkt zelden zo. Meestal zijn de nummers - waaronder een aantal bijzonder interessante covers - zo af als maar kan en ondanks het feit dat ze live werden ingeblikt, voert de improvisatie zeker niet de bovenhand. 'Prima Donkey's Rythme Exotique' is zelfs dermate begeesterend dat je als luisteraar na tien nummers best nog wel wat meer wil. En dat krijg je, als je lang genoeg wacht. Ghost track "Lilali" - jawel, van Kim Kay - is zelfs dermate interessant en hilarisch dat je Prima Donkey met veel plezier een plaatsje in het cd-rek geeft."

GonzoCircus
LINK

"Prima Donkey zet de Antwerpse – 'we speelden dan wel al in zeven groepen, maar het zijn toffe gasten die het vroegen en er was een krat bier, dus hey, nu spelen we d'r in acht' – traditie voort. De groep is opgebouwd rond de kern van Donkey Diesel en bestaat verder uit tweederde Lais , drievijfde Anarchistische Abendunterhaltung , één Rudy Trouvé en één Geert Waegeman . Goed volk, moeder! Europeana, zo noemen ze het zelf, en da's slim, want op 'Rythme Exotique' wordt met Oostblok-schmerzen, subtiele feedbacktapijten, swingbas en twang-gitaren gejongleerd alsof het de normaalste zaak ter wereld is. Ook qua strotwerk is diversiteit troef: Gunter Nagels munt uit in onmiskenbaar op Tom Waits geïnspireerd vocaal stuntwerk, Trouvé is zijn normale understated zelve en de dames Lais ruilen – bijvoorbeeld op 'That's it' van opper-Seatsniffer Walter Broes – de folkmaniertjes in voor een zeer lekkere Southern snik. We stellen er ons graag – handen boven het beddegoed! - de cowboy-kostuumpjes bij voor. Naast een aantal nieuwe composities, bevat 'Rythme Exotique' vooral inventieve covers: nieuwe interpretaties van 'eigen' werk (Donkey Diesel, Gore Slut, DAAU, Kiss My Jazz), maar net zo goed vergrijpen de Donkeys zich aan Lumidee , Ministry en – daar gààt het laatste taboe – Kim Kay (in welke tearoom zou zij overigens serveren, vandaag?). Een paar huisfavorieten? Wel: niet alleen is 'Heaven or Helsinki' een bijzonder puik nummer dat zo op de soundtrack van Night on Earth had gekund, het bevat bovendien ook nog eens onze favoriete stofzuigergitaar van de nazomer. En 'Double Hearted Girl' is – gedragen door een opgewekt gitaar/saxofoon/klarinet-motiefje en stuwende contrabas – een zoet liefdeslied met nu eens Nagels, dan weer Jorunn Bauweraerts en Nathalie Delcroix op vocal duties: zeer mooi, maar – ook al geeft de tekst geen uitsluitsel ('a lovely little story, a lovely little song (...) she was nature's way of saying what no man could') - we verwedden er drie tenen op (we blijven ons geluk niet pushen wat betreft vingers) dat het weer 'ns totaal fout afliep. Favoriet drie, 'Trash' – bij Kiss My Jazz een goeie schets – wordt hier, met goed geplaatste papapaperdapapa's en Waegeman's theremin, in een bijzonder stijlvol kamerjasje gehesen. Echt sléchte nummers bevat 'Rythme Exotique' niét, maar 'Gypsy Solitaire' had met nochtans maar 3'45" minstens de helft korter gemogen en wat Prima Donkey aanvangt met Ministry's 'Jesus Built My Hotrod' steunt té zeer op de gimmick om langer dan twee luisterbeurten mee te gaan. Het afsluitende 'Elephant' start weliswaar òòk zwak, maar tekent naar het einde toe – wanneer Buni Lenski en Geert Waegeman een venijnig duel aangaan op viool en theremin, en Bauweraerts en Delcroix het op een heerlijk vals kraaien zetten – wél voor het absolute hoogtepunt van deze plaat. We hadden graag afgesloten met een kanjer van een conclusie, maar die zult u zelf moeten trekken: deze recensie is al véél te lang"

__________________________________________________________________________